EXTERNE JAARREDE 2010

Traditiegetrouw wil ik graag op deze jaarvergadering verslag uitbrengen over de activiteiten van de Nederlandse Vereniging van Kapiteins ter Koopvaardij en de maritieme onderwerpen die ons in het afgelopen jaar bezig hebben gehouden.

 

Bij het doornemen van de jaarredes van de laatste jaren is mij opgevallen, dat geregeld dezelfde onderwerpen terugkomen. Wellicht is een constatering, dat er wezenlijk niet veel verandert bij belangrijke onderwerpen zoals fatigue en criminalisering, op zijn plaats. Wellicht draaien de oplossingsmolens toch inderdaad zo langzaam!

En ja, toch moet ik een aantal van deze onderwerpen ook deze keer weer opnieuw benoemen.

 

 

Het jaar van de zeevarende

 

2010 is door de IMO uitgeroepen tot het jaar van de zeevarende. Initiatienemer, de Secretaris-Generaal, Efthimios Mitropoulos heeft de IMO opgeroepen om de zeevarende bij het grote publiek onder de aandacht te brengen.

Dat initiatief ligt helemaal in lijn met de inspanningen van IMO om meer mensen enthousiast te maken om een carrière op zee zoeken.

Hopelijk zullen de 150 landen die aangesloten zijn bij de IMO het initiatief gebruiken om het belang van de zeevaart voor de wereld zichtbaar te maken.

Vergeten wordt wel eens, dat 1.5 miljoen zeevarenden die 90 % van alle wereldhandel die over zee gaat, onder vaak moeilijke omstandigheden, vervoeren.

 

De zeevarende van vandaag wordt elke dag voor uitdagingen gesteld. Zijn beslissingen worden of verguisd of gewaardeerd. Het zeeman-zijn vereist een bepaalde houding, instelling, de juiste kennis om moderne schepen, vaak technische hoogstandjes, veilig en vlot over de oceanen te voeren. Oceanen die onveilig gemaakt worden door piraten, terrorisme, maar ook door onverlaten, die het niet zo nauw nemen met de veiligheidsregels. Of omdat moeder natuur verrassingen in petto heeft. Stel je maar eens voor dat je aan de wal met je bureau heen en weer gesmeten wordt, terwijl van je verwacht wordt dat je gewoon doorwerkt.

En bij dit alles wordt van de zeeman ook nog gewoon verwacht dat hij op tijd en zonder schade aankomt in zijn bestemmingshaven. En in die bestemmingshaven aangekomen moet de zeevarende in de eerste plaats de autoriteiten trotseren. Maar verder natuurlijk ook even de gelegenheid hebben zich te kunnen ontspannen en dan moeten autoriteiten wel meewerken om hem of haar de gelegenheid geven om de wal op te gaan zonder allerlei hindernissen. Dát nu wordt óók steeds lastiger gemaakt.

 

·        Door zijn werk ver op zee en ver achter de horizon, is hij voor velen onzichtbaar en hebben veel mensen er geen besef van wat hij allemaal doet, om een bijdrage te leveren aan een ongestoorde volkshuishouding in de gehele wereld. Daarom mag eigenlijk wel weer eens gezegd worden, dat hij veel respect en waardering verdient.

 

 

Fatigue

Het onderwerp fatigue blijft de gemoederen terecht bezig houden.

Er is een groot Europees project gestart, dat men “Project Horizon” heeft genoemd. Gedurende 30 maanden zal daarbij onderzocht worden wat de effecten van fatigue zijn op het functioneren aan boord.

Het project wordt uitgevoerd door Southampton Solent University in de UK, Chalmers University of Technology in Zweden, The Stress Research Insitute van de Stockholm University en Bureau Veritas Marine Division.

Het onderzoek zal op brug-, machine- en vloeibare lading-simulatoren uitgevoerd worden door zo’n 60 dek- en machine officieren.

 

·        De NVKK zal dit onderzoek met grote belangstelling volgen. Hopelijk zullen de resultaten door alle partijen gedragen en uitgevoerd worden.

Afhankelijk van het resultaat kan het project “ Shore Support “ een bijdrage leveren ter vermindering van fatigue.  Met name bij het brugpersoneel. Wellicht kan de wens van IFSMA, CESMA en ITF, om tot een drie wachtenstelsel te komen, daardoor gedeeltelijk tot uitvoering komen.

·        Het stroomlijnen van de inspecties aan boord van schepen, zoals dat nu in Nederland

met het convenant “Vernieuwing toezicht” gestalte heeft gekregen   moet tot verlichting van de werkdruk  aan boord leiden. Ook het Port State Control- regime zal in 2011 risico gebaseerd worden en moeten gaan bijdragen tot vermindering van deze werkdruk.

 

 

Maritiem Arbeids Verdrag 2006/

Het doel van ILO is om met de invoering van het Maritiem Arbeidsverdrag 2006 een duidelijk en eenduidig instrument op te zetten. Het MAV is de 4e zuil naast SOLAS, STCW 95 en Marpol.

Nederland gaat er vanuit, in 2010 het verdrag te kunnen ratificeren door de wet- en regelgeving aan te passen.

Het doel is om internationaal het Maritiem Arbeids Verdrag eind 2011 van kracht te laten zijn. Spanje is het eerste Europese land dat de MLC geratificeerd heeft. Tot dusver hebben 7 landen het MAV geratificeerd. Dat is ongeveer 45 % van de wereldvloot.

 

In 2006 heeft de NVKK overleg gehad met het Ministerie V&W over het instellen van een vertrouwenspersoon voor de scheepvaart. Dit naar aanleiding van het rapport “Evaluatie van de Zeevaartbemanningswet”.

De NVKK heeft destijds haar achterban geraadpleegd en de wens voor het instellen van een vertrouwenspersoon werd door een meerderheid van de leden uitgesproken.

DGTL stelde toen voor om het instellen van een vertrouwenspersoon uit te stellen tot de implementatie van het MAV. In het MAV-verdrag is namelijk een aanbeveling opgenomen die het instellen van klachten- voorziening/procedure met betrekking tot de bemanningssterkte mogelijk maakt.

Deze bepalingen in het verdrag zullen worden geregeld in de zeevaartbemanningswet oftewel de “Wet Zeevarenden”

 

·        De NVKK is van mening dat de bepaling inzake het instellen van een klachtenvoorziening/procedure in het verdrag van groot belang is en de veiligheid en het welzijn  ten goede komt.

 

Criminalisering van zeevarenden

Jaarlijks worden zeevarenden onterecht vastgehouden en veroordeeld voor vermeende misdaden. Het onderwerp criminalisering van zeevarenden komt dus ook in elke jaarrede weer terug.

 

De maritieme sector maakt zich zorgen over de instroom van jonge mensen in het zeevarend beroep.

Er zijn veel initiatieven om het beroep aantrekkelijk te maken, maar er blijven zorgen over het imago. De criminalisering van zeevarenden draagt niet bij tot een positief beeld.

Terecht maken kapiteins en hun bemanning zich zorgen na elk incident. En zij hebben recht op bescherming en steun.

Het is van groot belang dat de kapitein en bemanning weten wat hun rechten zijn. Zijn ze getuige? Zijn ze betrokkene? Wanneer moeten ze juridische bijstand vragen?.

Deze en vele andere vragen moeten ook aandacht krijgen tijdens de opleiding. Het is van belang dat een rederij een draaiboek heeft om in voorkomende gevallen adequaat op te kunnen treden.

 

Het is moeilijk te verteren dat de samenleving veranderd is in een samenleving waarin geen enkele fout meer geaccepteerd wordt. Het feit alleen al dat men zee kiest met een schip in een soms vijandige omgeving waar snel beslissingen genomen moeten worden, beslissingen met soms een bewust genomen risico, brengt het gevaar van het maken van fouten met zich mee.

Het moet niet zo zijn dat zeevarenden gecriminaliseerd worden, alleen al omdat zij hun werk zo goed mogelijk proberen te doen.

 

De NVKK is van mening dat het van het grootste belang is, dat:

 

·         In een geval van criminalisering na een incident, de vlaggenstaat, de eigenaar, de verzekeraar, de scheepsagent, het consulaat, de redersverenigingen, de vakbonden en beroepsorganisaties, gezamenlijk optreden. En niet maar afwachten in de veronderstelling, dat het door een van de genoemden alleen wel opgelost kan worden.

     ITLOSS sectie E art 110 “Prompt release of vessels and crews” is een krachtig middel ter

     ondersteuning van de zeevarende in het geval van criminalisering.

·        Het is van belang dat er een “no blame culture” ontstaat. Dit komt onderzoek en behandeling van scheepsbemanningen ten goede en er ontstaat een positiever beeld van de zeevaart.

·        De NVKK pleit voor een platform,  geleid door de overheid, waarin alle voornoemde betrokkenen zitting hebben teneinde nationaal sterk te staan bij ieder geval van criminalisering. Hiertoe heeft de NVKK al verkennende gesprekken gevoerd.

·        De NVKK roept zeevaartscholen op veel aandacht aan dit onderwerp te geven.

 

  

Zeeroverij

Het afgelopen jaar was een spannend jaar vanuit de optiek van de security gezien. 2009 heeft een forse stijging van zeeroverij laten zien. Het aantal gemelde gevallen lag maar liefst 38% hoger dan in 2008. In totaal werden 1052 bemanningsleden gegijzeld, vielen er 68 gewonden en 8 doden. En wederom is de gewelddadigheid fors gestegen.

Rond de Hoorn van Afrika hebben in 2009 gemiddeld zo’n 20 marineschepen hun uiterste best gedaan om de doorgaande scheepvaart bescherming te bieden. Maar ook marines zijn afhankelijk van wat er op politiek niveau wordt besloten. Daarom kregen Nederlandse zeevarenden toch vaak het gevoel aan hun lot te worden overgelaten. Weet dan, dat de Kapiteinsvereniging in ieder geval achter u staat. Als de varende kapiteins ons nauwkeurig op de hoogte houden van alles wat er gebeurt, kunnen wij op onze beurt onze uiterste best doen om hen te steunen om voor hun belangen op te komen. Een goede terugkoppeling van alle incidenten is daarvoor van essentieel belang.

Wij steunen de varende kapiteins al lang door onze standpunten helder te formuleren en uit te dragen. Wij denken mee aan oplossingen voor problemen als beveiliging, vuurwapengeweld en commandostructuur.

Mét experts denken we ook na over een integrale veiligheidspolicy voor schip, maar ook voor de rederij, die moet dienen om snel te kunnen anticiperen op aanvallen en ter bescherming van schip en opvarenden. We zijn er nog lang niet. Er moet nog veel denkwerk worden verricht.

Vermeldenswaard is zeker, dat door inspanning van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat Nederland de Staten Generaal nu formeel heeft ingestemd in toetreding van Nederland tot het ReCAAP, het Regional Cooperation Agreement on Combating Piracy and Armed Robbery against Ships in Asia, waarin 16 landen samenwerken om in Zuidoost Azië en het Verre Oosten informatie uit te wisselen over zeeroverij.

Zoals u weet, maakt de NVKK ook deel uit van ons nationale Anti Piraterij Platform.

De NVKK is van mening, dat:

·        De kapitein kennis en middelen tot zijn beschikking moet hebben, om zijn schip veilig door piraterij gevaarlijke gebieden te kunnen loodsen. Zeker, als marineschepen geen 100% veiligheid kunnen bieden;

·        Vuurwapengeweld, hetzij door eigen bemanning, hetzij door ingehuurde beveiligingsfirma’s beslist niet als een optie wordt gezien;

·        We in Nederland toch in staat moeten zijn om een effectieve integrale anti piracy policy te ontwikkelen en middelen ter bescherming van schip en opvarenden;

·        Niet alleen voor nu, maar ook voor later. De geschiedenis heeft wel geleerd, dat piraterij nooit zal verdwijnen.

 

Taskforce Arbeidsmarkt Zeevarenden, TAZ

 

Nederlandse zeevarenden

 

Een van de speerpunten van de TAZ is ervoor te zorgen dat het aantal studenten op de zeevaartscholen toeneemt en dat zij blijven varen.

Dit wordt onderkend door alle belanghebbenden in het Maritieme cluster.

Alle zeilen worden bijgezet zowel in TAZ-verband als door inspanningen die worden verricht door Nederland Maritiem Land. Op dit moment is op de peildatum van 1 oktober 2009 te zien dat het aantal leerlingen op de zeevaartscholen toegenomen is voor het HBO met 58 meer en voor het MBO met 17 meer.

In 2010 heeft ook het loodswezen zich aangesloten bij de TAZ.

 

Een van de concrete acties van de TAZ is de start van de voorlichtingscampagne

“Zeebenen in de klas”

Het pilot project dat gestart is op de Zeevaartschool Abel Tasman en heeft veel enthousiaste reacties opgeleverd.

De bedoeling is, dat het project dit jaar wordt uitgerold en spoedig een formele doorstart gaat maken. In dit project geven zeevarenden en ex zeevarenden, de zogenaamde “Ambassadeurs van de zeevaart” informatie over het beroep en vertellen verhalen uit hun eigen praktijk aan leerlingen van groep 7 en acht. Juist op deze leeftijd is de belangrijke interesse te kweken voor het vak.

Nederlandse reders bieden jongeren de gelegenheid tot zogenaamde “snuffelstages”, dat wil zeggen om voor korte tijd mee te varen op hun schepen. Dat is een mooie gelegenheid om je te oriënteren op een nautische opleiding en om kennis te maken met het werken en leren aan boord.

Niet alleen in Nederland maar ook in Europa wil men een Taskforce oprichten, om het belang van Europese zeevarende te benadrukken en hun instroom en behoud te promoten. Ook binnen Europa wordt het behoud van Maritieme kennis van groot belang geacht.

Niet alleen binnen Nederland en Europa maar ook internationaal ziet men het probleem van een tekort aan zeevarenden en is de campagne “Go to Sea “ gestart waarin drie speerpunten genoemd worden: Het imago van het beroep verbeteren, interesse te wekken bij jonge mensen voor het beroep en de kwaliteit van het leven aan boord te verbeteren.

Uit recente rapporten blijkt, dat er een wereldwijd tekort is van 34.000 officieren en dat zal oplopen tot een tekort van 84.000 in 2012

 

 

·         De NVKK blijft zich inzetten in TAZ verband en zal zich blijven inspannen om het zeevarend beroep bij jongeren voor het voetlicht te brengen. Immers de jongeren van nu zijn onze collega’s van morgen.

Ook  binnen CESMA, de Confederatie van Europese kapiteinsverenigingen en binnen IFSMA de Confederatie van internationale kapiteinsverenigingen waarbij ook de NVKK is aangesloten is men doordrongen van het belang van voortdurende instroom in de bedrijfstak en verbetering van het imago van het beroep.

 

Project Shore Support.

Op dit moment loopt bij diverse rederijen en kapitein-eigenaren een proefneming op 25 short sea schepen, met een vermogen tussen 750-3000kW,

Op deze schepen worden de machinekamertaken herverdeeld met aanvullende 24 uur walondersteuning.

TNO onderzoekt gedurende deze periode de effecten aan boord. De proefopstelling is goedgekeurd door de IVW en aangemeld bij de IMO.

Achtergrond voor dit project is het tekort aan HWTK’s en de lage instroom van werktuigkundigen. Dit project is verantwoord door de goede betrouwbaarheid van de technische installaties waardoor de wettelijk voorgeschreven HWTK minder werk aan boord zou hebben.

De nu ingezette, pas beginnende Maroffs kunnen buiten de MK-werkzaamheden ook ingezet worden voor dekwacht werkzaamheden.

Met grote belangstelling wordt de tussentijdse rapportage van TNO afgewacht.

 

·        de NVKK is deelnemer aan het project en zal positief kritische input leveren.

 

Raad Voor De Scheepvaart en Onderzoeksraad Voor de Veiligheid

 

In 2009 heeft de RVDS haar 100 jarige bestaan gevierd.

Kapitein van Wijnen heeft ook in 2009, in zijn hoedanigheid als raadsman één van de bij ons aangesloten kapiteins bijgestaan in zijn zaak bij de RVDS. Door het bijwonen van diverse zittingen blijft de NVKK op de hoogte van onderzoeken en uitspraken.

 

Ook wanneer de nieuwe Tuchtraad van start gaat, zal Kapitein van Wijnen als raadsman blijven optreden.

 

De NVKK heeft zich met vele anderen in de bedrijfstak beijverd om het tuchtrecht te behouden voor de scheepvaart.

Het is belangrijk dat in geval van een incident men door een college van mensen uit het vak beoordeeld wordt. Dat is beter dan dat het gebeurt door de strafrechter.

Naast de Tuchtraad zal de Onderzoeksraad Voor Veiligheid een onafhankelijk onderzoek verrichten naar oorzaken of vermoedelijke oorzaken van ‘voorvallen’ en categorieën voorvallen. Onder een voorval worden niet alleen rampen en ongevallen verstaan, maar ook incidenten: ‘voorvallen die een ongelukkige afloop hadden kunnen hebben’. De Onderzoeksraad is een bij Rijkswet ingesteld zelfstandig orgaan en de Raad is bevoegd voorvallen te onderzoeken op alle denkbare terreinen.

Internationaal via de SOLAS is alleen verreist dat onderzoek verricht wordt bij dodelijke ongevallen, ernstige schade aan het mariene milieu en bij het verdwijnen van een schip. De Nederlandse overheid zal geen nationale regels stellen boven de internationale.

De Raad brengt de leerpunten uit het onderzoek in kaart, doet aanbevelingen voor verbetering van de veiligheid aan verantwoordelijke partijen zoals overheden, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties en houdt de opvolging van aanbevelingen bij.

 

·        De NVKK heeft op verzoek van de OVV bemiddeld in het vinden van deskundigen uit de vloot en zal desgewenst de OVV en de Tuchtraad waar nodig terzijde staan.

 

Windparken op zee

In het afgelopen jaar heeft de NVKK, in de Scheepvaart Adviesgroep Noordzee, veelvuldig overleg gehad met V&W DGLM over de locatie van windparken op de Noordzee.

De Scheepvaart Adviesgroep Noordzee bestaat uit:

NVKK, Nederlands Loodswezen B.V.- Regio Rotterdam-Rijnmond, Vereniging Overzee Loodsen, Productschap Vis, Haven Amsterdam, Kustwacht, KVNR en het Havenbedrijf Rotterdam

De SAN heeft een tweetal varianten over de inrichting van de Noordzee ingediend. In deze varianten staat de veiligheid van de scheepvaart centraal.

Op enig moment zal de overheid een keuze moeten maken uit de ingediende varianten van scheepvaart windsector en overheid.

Bij de varianten waarbij scheepvaartroutes verlegd moeten worden zal Nederland bij de IMO een wijzigingsvoorstel moeten neerleggen. Daarbij telt de mening van de scheepvaartsector zwaar.

De onderbouwing van dit wijzigingsvoorstel o.a. zal bestaan uit een Formal Safety Assesment waarin alle aspecten aan de orde komen.

Een van de aspecten is een gehouden simulatoronderzoek bij het MARIN, waaraan een van onze kapiteins heeft deelgenomen. In dit onderzoek zijn de ingediende varianten betrokken.

 

·        In tegenstelling tot enkele ons omringende landen is er nu een goed overleg tussen de overheid en betrokkenen om gezamenlijk tot een veilige inrichting van de Noordzee te komen.

 

·        Door het deelnemen aan de discussie geeft de NVKK invulling aan haar doelstelling “het bevorderen van de veiligheid op zee en aan boord” en “ het ter beschikking stellen van specifieke expertise”.

 

Maritime sector

Het laatste jaar wordt er veel geschreven over het belang van het Maritime cluster voor Nederland

Opvallend en toe te juichen is het gezamenlijk optreden van de nautische sector.

 

Een goed voorbeeld van dit gezamenlijk optreden is een brief die de sector nautisch onderwijs, zeehavens, zeescheepvaart (waaronder de NVKK), sociale partners en bestuurders hebben geschreven aan de Vaste Kamercommissie van Financiën. De inhoud van deze brief gaat over de belangen van de maritieme cluster. De zeescheepvaart neemt hier een prominente plaats in en levert ook kennis en kunde voor de hele maritieme cluster.

Dat dit actueel is blijkt uit het uitvlaggen van rederijen waarbij arbeidsplaatsen van Nederlandse zeevarenden verloren gegaan zijn.

Ook de TAZ is een goed voorbeeld van deze samenwerking.

 

Zeevaartonderwijs

Ongetwijfeld heeft de vorig jaar gehouden EMSA Audit bijgedragen tot een actieve opstelling van OC&W en V&W over het nautische onderwijs.

De zeevaart heeft op onderwijsgebied een bijzondere positie. Het onderwijs moet zich houden aan internationale verdragen, zoals de STCW-conventie. En de nationale regelgeving moet hierop aansluiten.

Algemene onderwijsregels zijn niet van toepassing.

OC&W ziet dit in en er is actieve steun binnen het ministerie voor het behoud van het maritiem onderwijs. Drie speerpunten zijn benoemd, waarvan een maritiem onderwijs/cluster er een van is.

 

·        De NVKK is van mening dat het zeevaartonderwijs een “ Status aparte” moet hebben in het onderwijs.

·        De NVKK zal haar praktische expertise ter beschikking stellen aan het onderwijsveld.

 

STCW

Inmiddels is de definitieve ontwerptekst afgerond voor definitieve vaststelling in juni in Manilla.

Het is goed om te constateren dat Leadership en Teamwork voor kapitein, eerste stuurman, hoofd- , tweede- en wachtwerktuigkundige aandacht heeft gekregen en opgenomen wordt in de opleidingsnorm,

Ook is het goed dat in de Special training requirements for persons on certain types of ships en de Training requirements for Arctic and Antartic waters helderheid is verkregen over aanvullende eisen.

 

Spijtig is te constateren dat er geen overeenstemming is bereikt over de harmonisatie met betrekking tot het minimum aantal uren rust uit het ILO Maritiem Arbeidsverdrag.

 

·        De NVKK is van mening dat elke 5 jaar vastgesteld zou moeten worden of de zeevarende voldoet aan het afgegeven vaarbevoegdheidsbewijs.

 

Symposium

In 2009 hebben we traditiegetrouw weer een symposium georganiseerd. Ditmaal over het leiderschap aan boord in de 21e eeuw, genaamd “ Wie neemt het voortouw”.  Dit symposium was goed bezocht en de reacties waren positief. Dit jaar zullen we gezamenlijk met het Ouderkerkfonds, dat haar 25 jarig bestaan viert, een symposium genaamd “Eerst leren en dan varen” organiseren. Daarin zullen de zeevaartopleiding en de praktijk van diverse kanten worden toegelicht.

·        De NVKK zal zich inspannen om elk jaar een symposium te organiseren over een actueel maritiem onderwerp.

 

De NVKK wordt in toenemende mate door externe partijen om haar mening gevraagd. Het is van belang dat wij ons bewust blijven van onze kerntaak. Die is: “Het ondersteunen van de kapitein en zijn plaatsvervanger in de ruimste zin van het woord”.

De bijdrage en het expertise van de NVKK wordt op prijs gesteld in de diverse werkgroepen en commissies waarin we vertegenwoordigd zijn. De mening en kennis uit de praktijk is en blijft toenemend belangrijk.

 

Collega’s ik hoef u niet te vertellen dat varen een geweldig beroep is, waar veel levenservaring opgedaan wordt en waar men op de proef gesteld wordt.

Het is niet voor niets dat zeevarenden aan de wal graag geziene werknemers zijn. Ze kunnen improviseren, geven niet op en hebben geen 9-5 mentaliteit.

 

 

De NVKK staat midden in al deze ontwikkelingen en spant zich in, om een positieve bijdrage te leveren aan de goede kwaliteit en naam van de Nederlandse koopvaardij. Dat kan allemaal door de vakkundige bijdragen van velen van u! Dat is voor ons een grote steun. Want onder de Nederlandse kapiteins huist een schat aan expertise.

 

Ik dank u voor uw aandacht.